We schrijven zaterdag 3 januari 2026. Het is een fantastische zonnige winterdag. In de voorafgaande dagen zag ik op social media jaloersmakende plaatjes voorbij komen van de fotogenieke Baardmannetjes (waarvan overigens ook gewoon vrouwtjes bestaan [1]). Nu zijn Baardmannetjes niet per sé zeldzaam, maar als je er specifiek op uit trekt om ze te gaan zien, is de kans aanwezig dat je ze wel hoort, maar ze niet ziet (diep weggedoken in het riet). Of je ziet ze (letterlijk) wel vliegen, maar ze zijn zo beweeglijk dat het vastleggen van die prachtige vogeltjes op de gevoelige plaat op z’n zachtst gezegd een uitdaging is voor de amateurfotograaf.
Dit keer was ik optimistisch gestemd, het was niet alleen zonnig, maar ook vrijwel windstil, waardoor de kans groot was dat ik de Baardmannetjes zichtbaar zou kunnen zien genieten van de zaden in de top van een zacht wuivende rietstengel. En ziedaar, het resultaat op de foto. Perfecter dan dit zou ik het niet gaan krijgen: top van een rietstengel, zonnige gloed over het unieke en kleurige verenkleed, zowel een mannetje als een vrouwtje die zowel aan het genieten zijn van de zaden als van elkaar. Mijn dag kon niet meer stuk.
Op dit moment in het verhaal gekomen, wil ik je een vraag stellen:
Geef een cijfer op een schaal van 0 (zeer slecht) tot 10 (zeer goed) voor mijn foto skills.
Werp nog een korte blik op de foto’s, en bepaal direct je cijfer.
Als je dit gedaan hebt, lees dan verder.
Op dit punt van het blog aan gekomen, wil ik je een paar reflectievragen stellen:
- Heb je rationele overwegingen gemaakt bij het toekennen van een cijfer, en zo ja, welke overwegingen waren dat?
- Heb je het toegekende cijfer gebaseerd op intuïtie?
- Heb je het toegekende cijfer gebaseerd op het inleidende verhaal?
- Heb je je bij het toekennen van het cijfer laten leiden door je persoonlijke expertise op het gebied van fotografie c.q. van “vogelarij”?
Om eerlijk te zijn: bij het inleidende verhaal zijn een paar kanttekeningen te plaatsen:
- Feitelijk is het correct dat 3 januari 2026 een zaterdag was.
- Feitelijk is het correct dat ik die zaterdag naar de Baardmannetjes locatie ging en dat ik daar deze foto’s heb gemaakt.
- Feitelijk is het onderschrift bij de foto’s correct: de locatie is Zevenhuizerplas (Zevenhuizen).
- Feitelijk is het niet geheel correct dat het een zonnige winterdag was. In werkelijkheid was het in de ochtend tot het begin van de middag regenachtig in de regio Zevenhuizen. Toen rond de klok van 15.00 uur even de zon doorbrak, vertrok ik direct naar Zevenhuizen en arriveerde daar rond 15.30 uur.
- Feitelijk is het niet (geheel) correct dat de foto is gemaakt bij een uitbundig schijnende zon. Bij aankomst scheen de zon aangenaam. Echter, vanaf de parkeerplaats kwam ik al een aantal vogelaars tegen die op de terugweg waren van de vogelplek. Ze zeiden: we hebben ze wel veel gehoord, maar helaas niet gezien. Mijn aanvankelijke optimisme werd daardoor wat getemperd. Ik liet me echter niet ontmoedigen en liep door. Hetzelfde lot als de eerdere vogelaars leek mij (en anderen) te treffen: tot ongeveer 16.30 uur lieten de Baardmannetjes zich niet zien. Langzaam verdween de zon, het werd wat donkerder.
- Feitelijk is het correct dat ik zowel een foto van het mannetje als het vrouwtje wist te maken. En ook correct is dat ik mijn vreugde niet op kon. Het doel was gerealiseerd, de Baardmannetjes heb ik gespot, en ik heb ze op de gevoelige plaat kunnen vastleggen. Over het eindresultaat was ik zeer in mijn nopjes.
Nu hoor je wellicht een MAAR aankomen. En dat MAAR is er ook:
De foto’s ogen fraai, maar in deze vorm heb ik ze niet weten te maken.
De foto’s zijn in de basis van mijzelf, maar door mij aangepast met gebruikmaking van ChatGPT. De prompt was zeer eenvoudig: maak de foto’s scherper en met zonneschijn. De fraaie AI output vond ik daarom bijzonder verrassend: dat je met zo’n eenvoudige instructie verbluffend effect kunt bewerkstelligen.
De originele foto’s (die zeer beperkt zijn bewerkt, enige cropping is toegepast) heb ik hieronder opgenomen.

Ik maak nu vanuit het ‘AI vogel-fotografie-domein’ een switch daar wat we hiervan kunnen leren in het ‘AI Accountancy domein’.
Ik haal er zelf de volgende lessen uit:
- Wanneer je start met het beoordelen van controlebewijs dat de klant aanlevert, is het dienstig om te starten met de vraag: hoe is het controlebewijs (de output) tot stand gekomen? Is de output gegenereerd met behulp van of zonder AI?
- Als je bij de jaarrekeningcontrole gebruik maakt van door de klant met behulp van AI gegenereerde output, pas dan meer PKI toe dan gebruikelijk. Het is niet voor niets dat de concept gereviseerde Controlestandaard 500 (Audit Evidence) veel aandacht vraagt voor de professioneel-kritische instelling (PKI) van de accountant. De huidige Controlestandaard 500 komt pas in de A-paragrafen (bijv. A10) op de proppen met het belang van professionele oordeelsvorming bij het evalueren of sprake is van voldoende geschikte controle-informatie. De concept gereviseerde Controlestandaard 500 start reeds bij vereiste 4 met refereren aan het belang van het handhaven van PKI gedurende de gehele controle en plaatst dat vervolgens in 500.A19 in de context van bekende biases die bij oordeelsvorming kunnen optreden (zoals de bevestigingsbias), maar vult dat aan met de ‘automation bias’. Daarmee bedoelt de IAASB te benadrukken dat het gebruik van technologie (waaronder AI) tot nieuwe vormen van bias kan leiden, waardoor extra PKI vereist is om te komen tot professionele oordeelsvorming.
- Het toepassen van PKI vergt dat volgens deze concept gereviseerde standaard dat je bepaalt of je controledocumentatie van de klant gaat gebruiken als controlebewijs. Dit triggert een alerte houding: goed nadenken over welke informatie tot een onderbouwing van het accountantsoordeel zal worden gebruikt.
- Hierbij is de mate van overtuigingskracht van die informatie een relevant vraagstuk. Ten minste twee elementen zijn daarbij wat mij betreft van belang:
- Doe aan fact checking. Zie daarvoor in deze situatie het voorgaande.
- Kijk verder dan je neus lang is, en betrek zowel de factor mens als de factor technologie in je oordeel. Wanneer je bij het toekennen van het cijfer rekening had gehouden met relevante kennis omtrent mijn expertise in het fotograferen van vogels, dan had je kunnen bedenken dat je met een jaar van hobbyen niet zulke waanzinnige foto’s kunt maken als de door AI bewerkte foto (of ik zou een waanzinnig natuurtalent moeten hebben). Wanneer je bij het toekennen van het cijfer rekening had gehouden met de specifieke kennis dat ik niet beschik over een dure camera, dan had je daaruit wellicht ook kunnen afleiden dat het de vraag is of met deze camera wel zulke mooie foto’s gemaakt hadden kunnen worden.
- Het spreekwoord zegt: een afbeelding (visualisering) zegt meer dan 1.000 woorden. In het algemeen gaat dit spreekwoord nog steeds op: tekst wordt minder snel/goed begrepen en opgeslagen dan plaatjes. Plaatjes zijn krachtig. Echter, plaatjes (ook gevisualiseerde dashboard output met behulp van AI) kunnen je gemakkelijk op het verkeerde been zetten. Verificatie is nodig. Stel jezelf daarom ook regelmatig de vraag: zou met AI gegenereerde output ook (deep) fake kunnen zijn? Dit kan bijvoorbeeld relevant zijn als de klant een onderbouwing oplevert voor de waardering van de voorraden, waarbij de output met behulp van AI tot stand is gekomen, en bijvoorbeeld een grafiek toont die een afwijkend beeld te zien geeft van de onderliggende data of bijvoorbeeld visuele output toont waarbij de uitschieters minder ver uitschieten dan de onderliggende data aangeven [2]. Die vraag is ook nuttig om te stellen over de combinatie van het verhaal van de klant bij de AI output. Die lijkt in mijn introductie elkaar te versterken, maar consistentie tussen verhaal en plaatje is geen garantie dat de output feitelijk juist is.
Ik nodig je graag uit om je PKI ten aanzien van AI/technologie verder te ontwikkelen. Het zal er toe bijdragen dat de kans kleiner wordt dat je beticht wordt van beroepsfouten, met alle mogelijke gevolgen van dien en dat je, om binnen het thema te blijven, ‘vogelvrij’ wordt verklaard; een doelwit dat gemakkelijk om de plas wordt geleid.
Prof. dr. Niels van Nieuw Amerongen RA
2 februari 2026
[1] De naam Baardman klinkt net zo onlogisch als die van Zwartkop, waarvan de vrouwelijke variant geen zwart maar een bruin kopje heeft.
[2] Dit is natuurlijk te verifiëren met de eigen tooling van de accountant, maar het gevaar ligt op de loer dat een eerste blik op de output van de klant de mindset van de accountant al op het verkeerde spoor heeft gezet.